EMU saldo
Het EMU-saldo geeft het saldo van de inkomende en uitgaande geldstromen die daadwerkelijk in het kalenderjaar 2025 hebben plaatsgevonden minus deelname aan bedrijven en inkomsten uit kredietverstrekking. Dit is de wijze waarop de landen in de Euro-zone hun EMU-saldo berekenen en waarover ook begrotingsafspraken zijn gemaakt. In het bestuurlijk overleg tussen het ministerie van Binnenlandse Zaken, VNG (Vereniging van Nederlandse Gemeenten) en IPO (Interprovinciaal Overleg) is afgesproken dat het Rijk en de lokale overheden gezamenlijk werken aan het beheersen van het EMU-tekort. De EMU-tekortnorm voor decentrale overheden bedraagt voor 2025 maximaal –0,5% van het bruto binnenlands product (bbp). Deze macronorm is vastgesteld op grond van de Wet houdbare overheidsfinanciën (Wet Hof) en geldt gezamenlijk voor gemeenten, provincies en waterschappen. Voor individuele gemeenten betreft dit een indicatieve referentiewaarde en geen afzonderlijk bindende norm.
| |||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Omschrijving bedragen x € 1000 | 2025 | ||||||||
Exploitatieresultaat voor toevoeging aan c.q onttrekkingen uit de reserves | 32.906 | ||||||||
-/- | Mutaties (Im)materiele vaste activa | 60.884 | |||||||
+/+ | Mutaties voorzieningen | 2.258 | |||||||
-/- | Mutaties voorraden (incl bouwgronden in expploitatie ) | -12.466 | |||||||
Berekend EMU -saldo | -13.254 | ||||||||
Het EMU-saldo geeft het saldo van de inkomende en uitgaande geldstromen die daadwerkelijk in het kalenderjaar 2025 hebben plaatsgevonden minus deelname aan bedrijven en inkomsten uit kredietverstrekking. Dit is de wijze waarop de landen in de Euro-zone hun EMU-saldo berekenen en waarover ook begrotingsafspraken zijn gemaakt. In het bestuurlijk overleg tussen het ministerie van Binnenlandse Zaken, VNG (Vereniging van Nederlandse Gemeenten) en IPO (Interprovinciaal Overleg) is afgesproken dat het rijk en de lokale overheden gezamenlijk werken aan het beheersen van het EMU-tekort. De EMU-tekortnorm decentrale overheden voor 2025 bedraagt -0,5 van het bruto binnenlands product. (Deze norm is voor vastgesteld voor de periode 2025-2027.) Er is geen onderverdeling naar gemeenten, provincies en waterschappen vastgesteld. Daarom worden er ook geen referentiewaarden per gemeente bekend gemaakt.
